Huttenbouw betekent kinderen die niet alleen bouwen aan een houten hut, maar ongemerkt ook aan zelfstandigheid, samenwerking en zelfvertrouwen.
Voor jongerenwerker Frank Commissaris van Welzijn Beverwijk is dat precies wat de huttenbouw zo waardevol maakt. Natuurlijk draait het in de eerste plaats om plezier. “Maar het is voor ons belangrijk om kinderen en ouders te leren kennen”, vertelt hij. “Als welzijnswerkers willen wij contact maken en inwoners kunnen ondersteunen als dat nodig is.”
Huttenbouw is in veel meer opzichten een waardevolle activiteit. Kinderen zijn buiten, ontmoeten elkaar en ontdekken wat ze kunnen. Voor sommigen is het bovendien een belangrijk uitje in een lange zomervakantie. Niet ieder gezin gaat immers op reis. “Sommige kinderen gaan niet op vakantie omdat ze het thuis niet breed hebben”, zegt Commissaris. “Hier kunnen ze ook nog eens zichzelf ontdekken en werken aan hun talenten.”
Bouwen aan zelfstandigheid
Op het bouwterrein in Park Overbos in Beverwijk denken de kinderen daar natuurlijk niet in zulke termen over na. Daar moet vooral gebouwd worden. Roxana en Anaciara werken samen met hun vaders aan een ambitieuze hut met twee kamers, een bovenverdieping, een balkon en een trap.
Wat maakt huttenbouw leuk? “Je kunt zelfstandig dingen doen”, vertelt Anaciara. “Je kunt heel veel dingen bouwen en je fantasie gebruiken.” Roxana vindt het vooral mooi dat je echt leert hoe je iets maakt. “Dan kun je later bijvoorbeeld zelf een hut in je achtertuin bouwen.”
Die praktische kant ziet ook vader Nick Roemer. Samen met zijn achtjarige zoon Finn bouwt hij aan een schip. Er moet nog een vlaggenmast komen en misschien lukt het zelfs om een bank te maken. Zelf heeft hij een paar uur vrijgemaakt om mee te helpen.
Volgens Roemer leren kinderen tijdens het bouwen veel meer dan alleen timmeren. Ze ontdekken hoe gereedschap werkt, hoe je veilig zaagt en meet, maar ook hoe je samen tot een oplossing komt. “Ze communiceren op deze manier heel goed met elkaar. Dat is heel leuk om te zien.”
De eerste dag mogen ouders helpen. Daarna moeten de kinderen het vooral zelf en met elkaar doen. Juist daarin zit volgens de organisatie een belangrijk deel van de kracht. Kinderen moeten keuzes maken, oplossingen verzinnen en soms accepteren dat een plan niet meteen lukt. De hut wordt zo een klein oefenterrein voor vaardigheden die ook buiten het bouwveld van pas komen.
Moeder Rianne Sloot werd naar eigen zeggen “onder lichte dwang” van haar kinderen meegenomen naar de huttenbouw. Ze vindt het prachtig. “Omdat die kinderen lekker buiten bezig zijn. Zelf leren bouwen. Dat is fantastisch.” Zelf helpt ze graag mee bij het bedenken van een stevige constructie.
Een band die blijft
Voor Welzijn Beverwijk stopt het contact bovendien niet wanneer de laatste pallet weer wordt opgeruimd. Jongerenwerkers en kinderwerkers komen de kinderen ook tegen in buurthuizen, op scholen en op straat. Huttenbouw is daardoor een laagdrempelige manier om elkaar te leren kennen. Een kind dat later ergens mee zit, weet misschien al wie Frank is en waar het jongerencentrum staat. “We proberen in alle leefwerelden van een jongere aanwezig te zijn”, zegt Commissaris.

Hoe zo’n band kan doorgroeien, is goed te zien in Velserbroek. Daar vierde de Huttenbouw dit jaar het vijftienjarig bestaan. De activiteit zat met ongeveer tachtig kinderen helemaal vol. Een belangrijk onderdeel van het succes is de grote groep vrijwilligers. Opvallend veel van hen bouwden vroeger zelf als kind een hut en keren jaren later terug om een nieuwe generatie te helpen.
Vrijwilliger Bram is daar een voorbeeld van. Hij deed zelf twee jaar mee en begeleidt nu kinderen. “Ik denk dat het belangrijk is om de zomervakantie goed te starten. Niet alle kinderen gaan direct de eerste week op vakantie, dus dat kan best saai zijn.”
Ook in Beverwijk is die beweging zichtbaar. De vijftienjarige Casper Lips deed eerder zelf mee en staat nu als vrijwilliger tussen de kinderen. “Ik dacht: het ziet eruit als een leuk team. Ik wil niet dat het stopt als ik te oud ben geworden.”
Hij helpt nu andere kinderen verder met precies datgene wat hij zelf ooit leerde. Bouwen, creatief denken en contact maken. “Ik vind het superleuk om een beetje te socializen. Het zijn allemaal leuke kinderen. Je kunt met ze praten en misschien iets voor ze betekenen.”
Aan het eind van een week vol noeste arbeid worden de hutten weer afgebroken. Het hout verdwijnt, het terrein wordt opgeruimd en de mooiste hut krijgt een prijs. Wat blijft, is moeilijker te zien. Een nieuw vriendje misschien. Het gevoel dat je zelf iets kunt maken. Een eerste kennismaking met een jongerenwerker. Of, zoals bij Casper en de vrijwilligers in Velserbroek, een herinnering die jaren later sterk genoeg blijkt om zelf terug te komen en een volgende groep kinderen op weg te helpen.
